Kwijting 2009 - plenair debat

Mevrouw de Voorzitter, het is een plezier u hier weer te zien. Overigens, als ik het debat mag samenvatten, dan kom ik tot de conclusie dat het budget van de Europese Unie eigenlijk te groot is. Er is gewoon te veel geld. We kunnen het geld voor het Europees Regionaal Fonds niet goed besteden. Een heel gedeelte ervan wordt verkeerd besteed. Dat zijn de conclusies van de Rekenkamer. Hetzelfde zien we bij de begroting van het Europees Parlement. We hebben te veel geld. We gaan geld uitgeven voor prestigeprojecten zoals het huis voor de Europese geschiedenis wat misschien wordt bedoeld om de geschiedenis te gaan herschrijven. Ik zou willen spreken van het mausoleum voor de heer Poettering, want als ik de foto's bekijk, begint het daar zo langzamerhand wel op te lijken.

Er is een bestedingsdruk, er is te veel geld en men kan het geld niet besteden. Als ik kijk naar het verslag van de Commissie over de begroting 2010, dan zien we dat er een reste à liquider is, een overschot van 194 miljard euro, dat men nog niet heeft kunnen besteden. Mevrouw de Voorzitter, toen ik u zag binnenkomen, dacht ik: u wast witter dan wit. In Nederland zouden we zeggen: u bent de witte tornado. Helaas kan ik dat niet zeggen, mijnheer Šemeta, over de begroting van de Europese Commissie. Onze begroting wast niet witter dan wit, maar grijzer dan grijs en donkerder dan donker en daar ben ik zeer teleurgesteld over.

Straatsbourg 10 mei 2011

Conclusies van de Europese Raad van 24-25 maart 2011

Ik heb een persoonlijke vraag aan de heer Van Rompuy. De oorlog in Libië gaat door. Wij hebben gezien dat er warme betrekkingen waren tussen de Libische leider en Europese leiders als vriendjes in de zandbak.

Ik heb vorige keer foto's laten zien, ook van u, mijnheer Van Rompuy. Ik waardeer u als een man van integriteit, oprecht, zelfs in de politiek. Consisent. En daarom heb ik mij gestoord aan die foto's. Honderden mensen werden gedood in Lockerbie, velen van hen Europeanen. En dan zien wij Europese leiders samen met de moordenaar. Dus toen ik u zag was ik teleurgesteld. Misschien is het omdat u pas in deze job bent, tussen premiers en presidenten en ander uitverkoren volk. Maar ik zou u willen adviseren met twee benen op de grond te blijven staan.

Europa moet aan de kant van de vrijheid staan. Het wezen van dit project is vrijheid en u en de heer Barroso, die ook heel vriendelijk was tegen de heer Kadhafi, hebben dit verloochend en daarom ben ik teleurgesteld in u.

Straatsburg, 5 april 2011

Voorbereiding van de vergadering van de Europese Raad

Mr President, Mr Schulz said that military operations were set up too hastily. On the contrary, they came too late. The West waited too long. It could have isolated Gaddafi in Tripoli and forced him either to go or to be wiped out. As it was, we were just in time to prevent a mass murder in Benghazi.
 
And what did we see? France and Britain – two nation states – took the lead. My congratulations! Germany, apparently, is a country of hard currency and soft power. Being Minister of Defence in Germany is the most risky job in the country. Meanwhile, Turkey opposes NATO, and the US is the power in retreat and acts like a spectator.
 
I am afraid that now – as in the Balkans – we cannot break the deadlock without committed American leadership: leadership that the European Union, unfortunately, is incapable of providing. The only politician who knew how to deal with Gaddafi was Ronald Reagan. Reagan was right all along.
 
Brussels, 23 March 2011

Balans van het Belgisch voorzitterschap van de Raad

Voorzitter, België is de afgelopen zes maanden een goede voorzitter geweest. Men zou niet zeggen dat de zittende regering uittredend is. Als ik kijk naar de dossiers die ik kan beoordelen, is de balans positief. Een akkoord over de regelgeving voor risicokapitaal, regelgeving over toezicht op financiële markten én een begroting voor 2011. Ik ken zowel België als Europa vrij goed. Europese politiek is als het ware de voortzetting van Belgische politiek met grotere doeleinden. Het is het zoeken naar compromissen via converseren, dineren, arrangeren en zo nodig een beetje supporteren in de naam van het resultaat.

Sommigen zeggen daarom: België is Europa in het klein. Daarin schuilt nu precies het gevaar voor Europa, want het Belgisch systeem kan geen compromissen meer maken voor zichzelf. Er is zelfs nog geen zicht op een opvolger voor de heer Leterme. Als België het voorland is van Europa, dan moeten we ons de vraag stellen: waarom loopt dat Belgisch systeem dan ten einde? Waarom is het in staat van ontbinding?

De oorzaak is volgens mij dat België een transfereconomie heeft gecreëerd die niet meer betaalbaar is. In naam van solidariteit is er een geldstroom van Vlaanderen naar Wallonië en Brussel ontstaan, maar, mijnheer Barroso, als solidariteit eenrichtingsverkeer wordt, dan scheiden de geesten en dat zien wij nu in België.

Einrichtung eines ständigen Krisenmechanismus zur Wahrung der Finanzstabilität im Euroraum

Herr Präsident! Der flämische Politiker Bart De Wever hat im „Spiegel“ ein Interview gegeben, in dem er sagte, Belgien habe sich in eine Transfergemeinschaft verwandelt. Nicht die Sprache, sondern diese Tatsache sei der Kern des Problems in Belgien. Solidarität sei eine Einbahnstraße geworden.
Die EU ist dabei, genau das Gleiche zu tun. Wir verwandeln eine Leistungsgemeinschaft in eine Transfergemeinschaft. Der Euro ist das Mittel dazu. Er schafft einen Weg zum Billiggeld in verschiedenen Staaten. Er wurde, wie EU-Präsident Van Rompuy sagte, zu einer Schlaftablette: Die Wettbewerbsfähigkeit in verschiedenen Staaten wurde untergraben. Jetzt fordern viele Europapolitiker noch eine Schlaftablette: Eurobonds. Man macht dabei die Kluft breiter. Wenn wir so weiter machen, ist die EU innerhalb einiger Jahre in der gleichen Lage wie Belgien jetzt: eine Transfergemeinschaft, deren politische Grundlage abbröckelt.

Ich werde über Weihnachten das Buch „Rettet unser Geld“ von Herrn Henkel, ehemaliger Präsident des Bundesverbandes der Deutschen Industrie, lesen, und vielleicht können Sie das auch machen, denn so werden wir wissen, was man in Deutschland denkt.
 
Straßburg, 15 Dezember 2010

Pagina's