De Griekse kalender

De wedstrijd Griekenland versus ‘de instellingen’  kent de tussenstand 1 – 1. De Griekse regering van premier Tsipras heeft gezichtsverlies geleden. Maar ‘de Instellingen’ (de nieuwe benaming voor de voormalige Trojka bestaande uit de Europese Commissie, het IMF en de ECB) werden blij gemaakt met een dode mus. Griekenland kan zich met deze schuldenlast niet herstellen in de eurozone. Hoe langer ‘de Instellingen’ doorgaan met pappen en nathouden hoe meer de Griekse schuld ‘too big to fail’ wordt. Dat is de Griekse troefkaart.

De beloften van Athene zijn boterzacht. De regering belooft dat de Griekse fiscus ‘doelmatiger’ wordt. Dat belooft Griekenland al zolang het noodsteun uit Europa ontvangt. Er moet een ‘nieuwe belastingcultuur’ komen. Die komt niet in vier maanden. De Griekse administratie zal ‘moderner’ worden met een kordaat ‘anticorruptie beleid’ in een land waar belastingontduiking een cultuur is. Het aantal ministeries wordt verminderd van 16 tot 10; misschien lukt dat. Het Griekse justitiesysteem wordt ‘moderner’ en de overheid gaat ‘meer inkomsten’ innen. De Griekse regering belooft zelfs dat er een ‘kadaster’ komt. Toen ik dat las, wist ik het zeker. De Instellingen’ worden gerold.

Het dossier ‘Grieks kadaster’ heb ik beroepsmatig lang gevolgd. In 1994 besloot de Griekse regering eigendommen in kaart te brengen. Een moderne economie kan niet functioneren als eigendomstitels onbekend zijn en niet afdwingbaar. Maar een gebrek aan kadaster geeft natuurlijk gouden kansen voor gesjoemel en corruptie. Het kadaster was niet zozeer een Griekse maar vooral een Europese eis. Brussel kon niet honderden miljoenen naar Griekenland overmaken voor projecten zonder rechtszekerheid. In 1996 gingen de Grieken met lange tanden aan de slag, dankzij een Europese subsidie van omgerekend ongeveer 100 miljoen euro.

In 2001 wilde de Europese Commissie een procedure instellen om het uitgekeerde geld terug te vorderen. Het geld was op maar er was amper voortgang geboekt met het kadaster. De Fransman Michel Barnier, Commissaris voor Regionaal Beleid, riep afgezanten van alle kabinetten van Europese Commissarissen bij elkaar. Ik diende in het kabinet van toenmalig Nederlands Commissaris Frits Bolkestein. Hij was uiterst verbolgen en stuurde me naar het overleg met de mededeling: ‘Geef ze lik op stuk; alles moet worden terugbetaald’.

Het kabinetslid van Commissaris Barnier zette het probleem op diplomatieke wijze uiteen. Toen ik het woord kreeg noemde ik het gebrek aan resultaat en verantwoording een ernstige tekortkoming: ‘Griekenland moet alles terugbetalen’. In 1999 was de Commissie Santer immers afgetreden voor minder ernstige feiten. Het kabinetslid van de Griekse Commissaris Diamantopolou was razend en beschuldigde me van ‘anti Griekse opvattingen’. Hij sprong op, liep woedend de zaal uit, maar kwam weer terug omdat hij besefte dat ik zonder hem alle ruimte had. Ik kreeg steun van Commissarissen uit de gebruikelijke netto betalende landen: Duitsland, Verenigd Koninkrijk, Oostenrijk, Finland, Zweden en Denemarken. De Griek bleef boos over mijn ‘antisolidaire eis’. Het Franse compromis werd uiteindelijk: 60 miljoen meteen terugbetalen en ‘mogelijk’ 42 miljoen, na nader onderzoek.

In 2011 stelde ik als Europees parlementslid een schriftelijke vraag aan de Commissie: waar is het Griekse kadaster? Volgens de website van de Griekse kadaster ging het prima. Er was ‘enorme vooruitgang’ door de registratie van 3,6 miljoen eigendomstitels. ‘Het werk is bijna klaar’, aldus opgetogen Grieken.

De Europese Commissie gaf een heel ander beeld. Zij had intussen de volle 100 miljoen teruggevorderd wegens ‘ernstige gebreken’. Volgens de Commissie was slechts 17% van de eigendomsrechten en 6% van het land in kaart gebracht De EU had echter opnieuw 41,6 miljoen euro voor het Griekse kadaster beschikbaar gesteld. De Grieken beloofden daarop dat het kadaster ‘rond 2020’ klaar zou zijn. Dat belooft nu ook  premier Tsipras. Maar de Griekse krant Ekathimerini meldt op 20 januari jl. dat het hele project vrijwel stilligt. Wederom wegens geldgebrek.

De geschiedenis van het Griekse kadaster is in een notendop de geschiedenis van het Griekse overheidsbestuur. Beloften zijn weinig waard. Over vier maanden onderhandelt Griekenland weer met ’de Instellingen’ omdat het niet in staat is 7,2 miljard euro aan leningen af te lossen. Dan is opnieuw vers geld nodig. De Grieken zullen zeggen: ‘Geef ons meer tijd, we hervormen vlijtig’. Zodra eurogroep voorzitter Jeroen Dijsselbloem het woord ‘kadaster’ hoort, moeten alle alarmbellen afgaan. De beste bondgenoot van Griekenland is de Griekse kalender.

(de auteur is senior fellow bij het London Policy Center in New York)